112. Rivierplezier


Calopteryx splendens weidebeekjuffer gele plomp Nuphar luteaNaarmate je langer fotografeert, kom je er steeds meer achter wat wél en wat niet jouw ‘cup of tea’ is. Net als in het echte leven eigenlijk. In het begin probeer je alles, is elk nieuw ding leuk en spannend en kun je er geen genoeg van krijgen. En gaandeweg word je kritischer en begin je meer voorkeuren te ontwikkelen, zodat je sneller en makkelijker iets uitkiest dat bij je past en vermijdt wat dat niet doet.
Om met opruim-goeroe Marie Kondo te spreken: “If it doesn’t spark joy*…weg ermee!”

Fotografie vanuit hutten, auto’s, boten, achter schermpjes, onder doekjes en in groengevlekte pakjes…been there, done that.
Hoewel ik soms heus met weemoed terugdenk aan het enorme gemak waarmee op deze manier dieren van dichtbij uitgebreid geobserveerd en gefotografeerd kunnen worden (iets dat zonder hokjes en doekjes soms echt onmogelijk is), miste ik toch iets…
Dat metalen omhulsel, of die houten behuizing staan letterlijk tussen mij en mijn natuurbeleving in.
Inmiddels weet ik dat de lol van fotograferen hem voor mij in het hele pakketje zit. Als ik ga fotograferen, gaan we met zijn allen; ook oren, neus, tong en lichaam mogen mee.

Ik zie één van mijn fotomaatjes nog over de grond rollen van het lachen, toen ik vroeg of hij dat ook zo lekker vond, de geur van ‘heet duin’. Zelfs hardcore kustbewoners kijken me wazig aan zodra ik erover begin, maar ik vind het een fantastische en verslavende kruidenmix. Een vleugje hars, een snufje zeezout, wat watermunt en een zweempje vos….daar kan geen Chanel tegenop.
Laatst betrapte ik mezelf erop dat ik iemand appte:

“Mijn modellen schitteren door afwezigheid, het licht is om te huilen, maar het ruikt hier zo lekker, dus ik blijf nog een tijdje.”

Nou dát dus.

Mijn oren mogen ook uitgebreid meedoen en zijn soms zelfs nuttig.  Al ben ik nog steeds een dork in het herkennen van vogels, die ijsvogel hoor ik wel aankomen, toevallig.
Ook hoor ik dennenbomen knarsen, het geritsel van vechtende libellen of oorwurmen met hun scharen knippen.
Misschien geen briljante sounds en ook niet echt direct nuttig, maar voor mij allemaal auditieve smaakmakertjes die zeker bijdragen aan het fotografiedecor.

Proeven en natuurfotografie zijn niet een al te voor de hand liggende combi, zóu je denken….
Maar als ik denk aan groene glazenmakers loopt het water me al in de mond. Niet dat ik libellen eet (duh), het is meer hun habitat dat me trekt; bramenbosjes, yummie!
Met het maken van mooie platen als excuus, pluk ik daar emmersvol lekkers. Dus zodra ik iets groens zie vliegen, proef ik braam!

En ook de tactiele prikkels dragen voor mij bij aan het fotografeerplezier. (Brandnetels, duindoornstekels, dazen en  zonnebrand mogen dit blogje even niet mee doen.)
Soms -als ik echt heel eerlijk ben- verdenk ik mezelf ervan dat ik alleen maar fotografeer om gelegitimeerd in de modder/ het zand te mogen dweilen. Onder ‘soortgenoten’ wordt er niet eens heel raar naar me gekeken, het is me vergeven, als een wat overenthousiaste fotograaf. Pas als ik als een soort kleipoppetje een netgepakte forenzencoupé instap en ik wat onbemodderde wenkbrauwen zie rijzen, realiseer ik me dat dat in de blubber spelen blijkbaar toch aan een bepaalde leeftijd gebonden is.
Maar meestal geniet ik simpelweg van het kriebelende gras onder mijn kin, de wind door mijn haren en het warme zachte zand. En ‘s avonds heb ik nog wat napret, als ik nog duizenden zandkorreltjes tussen de knopjes van mijn camera uit zit te pulken.

Maar het aller- allerbeste is natuurlijk: water! Water kun je zien, proeven, ruiken, voelen én horen.
Of het nu het kalmpjes deinen van een bootje op de golfjes is (lees: zeearenden fotograferen), of in een waadpak in een vennetje chillen (lees: heikikkers fotograferen), of door het natte gras tijgeren (lees: kievitsbloemen fotograferen) of in bikini door een zachtstromend riviertje waden (lees: weidebeekjuffers fotograferen), water is altijd goed.
Want dat was toch zeker één van mijn prettigste fotografiemomenten; op vakantie, in de rivier in Frankrijk juffers jagen. Terwijl de rest van het gezelschap respectievelijk aan het lezen, slapen, dobberen of dammen bouwen was, waadde ik tot mijn nek in de rivier, die vanwege de warmte heerlijk op temperatuur was. Mijn camera net ietsje boven waterniveau en tientallen weidebeekjuffers om me heen, die mij blijkbaar als een soort vriendelijke Loch Ness zagen en prachtig meewerkten.

DIE beleving, dat wilde ik wéér!
Afgelopen jaar lukte dat. Terwijl buiten de mussen dood van het dak vielen, lag ik in een heerlijk verkoelende rivier…. Een goede bodem onder je voeten, het geluid van zacht  kabbelend water in je oren, de geur van zomer in je neus en talloze oogsnoepjes in de vorm van prachtig mooie metallic vliegbeestjes. Dit sparkte zéker joy!
Het enige dat dit nog kan overtreffen is misschien in een rivier liggen, met de geur van heet duin, het geluid van een bosuil op de achtergrond en een vos die door de zoeker naar me toe zwemt.
Maar hee, je moet wat te dromen over houden he?! ;)

Calopteryx splendens weidebeekjuffer

Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) man op hop (Humulus lupulus)

Calopteryx splendens weidebeekjuffer vrouw eiafzettend

Eiafzettende Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) vrouw…..

Calopteryx splendens weidebeekjuffer vrouw eiafzettend

Dit ei afzetten kan wel een kwartier duren….

Calopteryx splendens weidebeekjuffer vrouw eiafzettend

….en soms kan ze daarbij zelfs geheel onder water verdwijnen.

Calopteryx splendens weidebeekjuffer gele plomp Nuphar lutea

Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) man op een knop van de gele plomp (Nuphar lutea)

Calopteryx splendens weidebeekjuffer gele plomp Nuphar lutea

Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) man op een bloeiende gele plomp (Nuphar lutea)

Calopteryx splendens weidebeekjuffer parend

Parende Weidebeekjuffers (Calopteryx splendens)……

Calopteryx splendens weidebeekjuffer parend

…..Parende Weidebeekjuffers op een gele plomp….

Calopteryx splendens weidebeekjuffer parend

…op een takje…

Calopteryx splendens weidebeekjuffer parend

…en in mooi warm licht…

Calopteryx splendens weidebeekjuffer man

Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) man probeert met opgericht achterlijf een vrouwtje tot paring te verleiden. De witte stip op het achterlijf hoort bij de balts.

Calopteryx splendens weidebeekjuffer

…nog een poging het vrouwtje tot een paring te verleiden…

Calopteryx splendens weidebeekjuffer vleugels

Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) man met gespreide vleugels, gereflecteerd in het water

Calopteryx splendens weidebeekjuffer man vleugels gespreid

Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) man met gespreide vleugels, gereflecteerd in het water

Calopteryx splendens weidebeekjuffer zonsondergang

Weidebeekjuffer (Calopteryx splendens) man in mooi warm licht

* Marie Kondo’s manier van organiseren wordt wel de  KonMari methode genoemd, waarbij je al je bezit verzamelt en alleen de dingen behoudt die je een vonkje vreugde geven, (spark joy, tokimeku in het Japans, betekent letterlijk fladderen), om deze vervolgens dan een plekje te geven.

111. Vogelen voor Dummies II


Coccothraustes coccothraustes appelvink jong juveniel nestAls je natuur fotografeert, denken vooral niet-natuurfotografen al heel snel dat je een soort wandelende dierenencyclopedie bent en van elk dier elke mogelijke gedraging wel zult kennen.
Uiteraard is dat onzin. Eenieder die zich in natuur verdiept, zal gemerkt hebben dat de uitdrukking ‘hoe meer je weet hoe minder je weet’ maar al te vaak op gaat. Dieren zijn echt niet zo simpel als de boekjes ons soms doen geloven en daarbij zijn het er nogal véél, zélfs in ons kleine, volgebouwde landje.
Wel-natuurfotografen, met name de vogelfotografen,  hebben vaak een beetje eenzelfde instelling. Dat je niets van bosmuizen weet, soit. Maar je wordt wél verondersteld je vogelkennis up-to-date te hebben. Dat hoge piepje in de verte behoor je onmiddellijk te herkennen als de roodborstflapuit* en dat losse veertje weet je te determineren als ex-bezitvan een juveniele derdejaars pestvogel.
Ik herken zelf twee vogelgeluidjes, beide van de ijsvogel. Namelijk het geluidje dat ze er aankomen en de aankondiging van een paring. Hartstikke handig voor de fotograaf, deze waarschuwing dat je weer even moet opletten. En de roep van de grutto en de koekoek natuurlijk,  aangezien deze vogels beleefd genoeg zijn zich  even voor te stellen.

Herkenning qua uiterlijk gaat me een tikje beter af. Uilen zijn bijvoorbeeld makkelijk, dat zijn tenslotte en soort vliegende vossen. Reigerachtigen herken ik direct aan hun Silly Walks. En roodborstjes aan hun rode borstjes. En alle overige vogeltjes  zijn simpelweg kgvtjes** Als iemand mij vraagt: “Welke vogel is dat..?” voel ik me altijd een beetje een Wim Helsen***.

In alle eerlijkheid heb ik van vogelgedrag ook al niet zoveel kaas gegeten.
Laatst liep ik wat te lopen, kijkend naar links, toen er rechtsboven vanuit de lucht plotsklaps een vogeltje naar beneden viel. *Plof*.  Als een soort miniatuur Don King zat het daar, me een beetje hulpeloos aan te staren. Tenminste zo interpreteerde ik het, want in mijn draaiboek staat ook al geen hoofdstuk vogelgezichtsuitdrukkingherkenning. Evenmin vertelt het me wat te doen met voor je neus neergestorte babyvogels. Met een klein vossenwelpje was het een heel ander verhaal geweest. (Welp snel in mouw proppen – thuis aan zogende moederpoes pluggen – opvoeden als huisvos en tot het einde der dagen sufknuffelen)
Maar goed. Vogel dus. Die kun je beter niet aan een moederpoes geven.
Maar wat is wel wijs? Ik wist het echt niet.

Mag je ze aanraken?
Of worden ze dan verstoten?
Kunnen vogels ruiken dan?
En hoe zit dat dan met vogels ringen…..?
En als ik het hier gewoon laat zitten, komt moeder om hem in zijn nekvelletje te pakken en hem veilig terug in zijn nestje te zetten?
Ik gok van niet.

Vragen…vragen en voor de verandering nul vogelaars in de buurt voor gedegen advies.
Dus wat doe je dan…..? Juist, bel 114, Red een Dier, want dat was tenslotte wat ik wilde doen. Ik mag dan een beetje dombo zijn als het gaat om vogelkennis, maar ik houd wel van ze ;)
Na eindeloos lang wachten, kreeg ik eindelijk een ‘Animal Cop’ aan de lijn. Ze had het erg druk en adviseerde me om de vogel mee naar huis te nemen. Hoewel ik daar een paar katten zeker heel blij mee zou hebben gemaakt, leek me dit een slecht plan. (Bad Cop, zeker…?) De vrouw vertelde ook dat dit de tijd is dat jonge vogels uit hun nest vallen en dat het dan heel gebruikelijk is dat ze nog een paar dagen op de grond door hun ouders gevoerd worden.

“Op de grond, terwijl ze nog niet kunnen vliegen?”
“Ja.”
“Maar er lopen hier allemaal roofdieren rond. ”
“Ja en dat is maar goed ook, anders zouden wij niet meer kunnen lopen vanwege al die vogels!”
“Uhhhh….ja daar heeft u een punt…geloof ik….dank voor de ehhh.. hulp….”

Terwijl ik dit wat aparte gesprek voerde en me afvroeg wat ik hier nu toch mee aan moest, besloot de babyvogel dat dit genoeg verspilde woorden waren. Tijd voor daden. Hij hupte van het pad het gras in en koos een mooi verhoginkje uit om luidkeels mama te roepen. Vervolgens zette hij zijn wandeling voort en onder het mom van: Wie niet kan Vliegen, Moet maar Klimmen, klom hij doodleuk een boom in om daar hoog en droog op mama te wachten, die gelukkig nog steeds in de buurt was….
Wat is de moraal van dit verhaal (Vrij naar Doe Maar) : “Laat maar gaan, dat gaat wel goed, dat vogeltje weet zelf het beste hoe het moet!
PS. Vogelaars/ vogelfotografen: Tips/ adviezen zijn nog steeds welkom, voor het geval ik ooit eens een vogeltje tref dat niet kan klimmen…

Coccothraustes coccothraustes appelvink jong juveniel nest

Als een soort miniatuur Don King zat het daar, me een beetje hulpeloos aan te staren.

Coccothraustes coccothraustes appelvink jong juveniel nest

Mag je ze aanraken?

Coccothraustes coccothraustes appelvink jong juveniel nest

Of worden ze dan verstoten?

Coccothraustes coccothraustes appelvink jong juveniel nest

Wie niet kan Vliegen, moet maar Klimmen

Coccothraustes coccothraustes appelvink jong juveniel nest

Hoog en droog, wachtend op mamma Appelvink…

Coccothraustes coccothraustes appelvink jong juveniel nest

….die trouw op afstand op haar jong wacht…

* Woordgrapje van mijn niet vogelende vader ;))

** Klein grijs / geel vogeltje

***”…..dan zou ik met die mevrouw enorm geweldige romantische dingen doen
Dan gaan we samen…. WANDELEN hooohhh
Aan het strand en dan is de zon rood en laag boven de horizon en de zee klotst af en aan met al zijn water en vis daarin en dan trippelt er een hond voorbij en dan
PAK IK DIE HAND van die mevrouw
zo WHAAAP en dan zwier ik haar hand en dan is het ROMANTISCH
en dan zijn er vogels
en dan
zeg ik van elke vogel welke soort het is
MEEUW! MEEUW! MEEUW! MEEUW! MEEUW! ”
Wim Helsen – Heden Soep

110. Uilen ruilen…?


Ooit kreeg ik een mailtje van een fotocollega die ik vagelijk van naam kende.
Allereerst werd ik overladen met complimenten over mijn fotografie en het mailtje eindigde met de opmerking:Schattig Baby Gansje

“Ik weet een mooie boomkikkerlocatie!
Als je een keer mee wilt…? Je bent van harte welkom!”

Dá’s vriendelijk, dacht ik nog….
Hoewel ik zelf ook wel boomkikkers wist te zitten, waardeerde ik het gebaar en ik wilde ook niet onbeleefd zijn, dus liet ik weten dat dat misschien best een keer leuk zou zijn. (…)
Prompt kreeg ik een tweede mailtje: Of ik maar even zo snel mogelijk wilde laten weten wanneer en vooral wáár ik die blauwe heikikkers precies fotografeerde, want tsja: ‘Vóór wat hoort nu eenmaal wat…!”
Hoewel ik toen bijna te flabbergasted was om deze vreemde vraag vriendelijk doch zeer duidelijk te pareren, weet ik inmiddels dat ruilhandel geen ongebruikelijk verschijnsel is binnen de natuurfotografie. Bij soorten verzamelen hoort natuurlijk ook soorten ruilen. In de loop der jaren heb ik de regels van het spel wel een beetje leren begrijpen.
Bij een eerste ontmoeting wordt vaak al de maat genomen, dus is het voor hardcore soortenscoorders van belang een goede eerste indruk te maken;

  1. Grootte van de lens
    Het formaat van de lens is al een belangrijke indicatie voor je waarde. Een beetje serieuze natuurfotograaf heeft toch minstens een 500mm. Alles dat korter is, is niet om serieus genomen te worden. Bij het bepalen van de positie in de pikorde lig ik er – Mine is bigger than yours– dus standaard als eerste al uit.
  2. Verpakking Vervolgens wordt er naar je uniform gekeken (hoe meer camo, hoe echter) en ook daar faal ik gruwelijk, met mijn blingbling gymschoentjes en nepleren jackie.
  3. Wapenfeiten
    Ter compensatie van een te kleine lens, kun je altijd nog Grote Verhalen inzetten. Begin tegen wie het maar horen wil en ook tegen wie het niet horen wil te oreren over de topfoto’s die je gemaakt hebt, de wedstrijden die je gewonnen hebt en je hoge positie op één of andere ranking list en de onwetende newbies zullen vast onder de indruk zijn.
  4. Wie ben je en wie ken je?
    Tenslotte wordt er op grond van je naam een snelle inschatting gemaakt van je overige waarde: Ben je toevallig kenner van een mooie ijsvogelspot, heb je toegang tot een exclusieve dassenburcht of ken je mogelijk iemand die een kerkuilenkenner kent..?
    En daar gaat het bij mij helemáál mis;  Mijn ‘collectie’ bevat babyeendjes, heel erg niet zeldzame vlinders, lammetjes en zelfs spínnen. Allemaal soorten die niet honkvast zijn en kwalijker: totaal geen interessante soorten voor de Echte Natuurfotograaf. Zeg nou zelf: Zo´n babyeendje, klein koeziekoeziegansje of allerschattigst jong zwaantje, daar kun je als stoere Jager-Zonder-Geweer toch niet mee aankomen?!
    En als beetje vogelaar haal je je neus op voor zo’n exoot-in-wording als een nijlgansje. Alleen die heikikker, tsja, die bood me voldoende ruilmateriaal om nog enigszins status aan te ontlenen.

‘Heb’ je wél zo’n das, uil of ijsvogel als ruilitem, dan kan het spel beginnen. Belangrijk is natuurlijk om goed in te zetten. Een das inleggen, terwijl je maar een woelmuis kunt winnen is nooit slim. Een ijsvogel weggeven voor een boommarter met jongen is wél weer een mooie zet. En uilen ruilen kan altijd; “Jouw kerk- voor mijn steen- ?”
Gedurende dit spel krijg je natuurlijk steeds meer soorten in je collectie, die je weer in kunt zetten voor een nog mooiere soort en zo blijf je in rang stijgen. Popularity breeds popularity, zoals ze in het Engels zo mooi zeggen.
Onderweg beloof je uiteraard plechtig dat je het echt aan niemand zult doorvertellen. (…)

En ik…ik ben niet zo goed in spelletjes en bungel nog steeds ergens onderaan de ladder. Mijn netwerk zit vol met mensen die ik gewoon aardig vindt, of bewonder om hun kunnen, niet om het aantal beestjes dat ze inmiddels verzameld hebben voor het Grote Natuurfotografie Spel.

Laatst kreeg ik weer een berichtje:

“Heej Roes, ik heb babynijlgansjes gevonden!”
(inmiddels iets terughoudender dan toen) “Leuk voor je….!”
“Ze zijn zoooooooooooooooo schattig!”
“Dat zijn ze zeker!”
“Het zijn er wel 8….!”
“Waarom vertel je me dit eigenlijk? (iets met schade en schande) Wil je een babyeendje van me ofzo?!”
“Nee hoor, gewoon, ik weet dat je ze leuk vindt en als je wilt stuur ik je de locatie even door…”

Dank, Remco! Mijn vertrouwen in de fotograafheid is weer een beetje in ere hersteld!

Ennuh; Fijne Pasen! ;)

Roze gansje

Nijlgansje in het roze, blijkbaar is mijn roze fase nog niet helemaal voorbij.

Gansje met bloemen

Dapper Stappertje

Baby gansje met mama gans

De nijlgans en haar geheime wapen

Moedergans met babygansjes

Army of Cuteness

Schattig baby gansje in warm licht

Bad featherday

Zen Gansje

Zen Gansje

schattig baby gansje

Genadeloos efficiënt….wie kan zoveel schattigheid weerstaan?

Grazend Gansje

DreamDuckie

Baby gansjes in het water

“We Are Family”

109. Instant-Winter 2.0


Damhert in besneeuwd, winters landschapIk schreef al eens eerder over de instant-winter:
“Vroeger werden winters dan ook rustig opgebouwd.
Eerst een beetje kalmpjes kwakkelen, wat vriezen…wat dooien.
….het eerste ruitenkrabben, een hoopgevend sneeuwpopje en wat voorzichtige elfstedenkoorts, afgewisseld met een ontmoedigend dooiaanvalletje…..
….maar dat was vóór de uitvinding van de Instant Winter.”

Wekenlange winters met sneeuwpoppen en elfstedentochten liggen naast het cassettebandje en het testbeeld in het Opa-Vertelt-Bakje; zóóó negentienhonderd-nog-wat….

Nieuwe, moderne winters passen met gemak in een ochtendje.
Theoretisch gezien zouden ze zelfs keurig tussen de ochtend- en de avondspits door kunnen, volledig aangepast aan het razendsnelle ritme anno 2015.

Efficiëntie is het sleutelwoord: beetje vorst, beetje wit, beetje rijp: en kláár is het winter decor. Het ziet eruit alsof iemand met veel haast een enorme zak piepschuim balletjes heeft leeggekieperd, maar hee: wit is wit!
Aandacht voor subtiele details, zoals het mooi bepoederen van een vossensnuit, is passé. Daar is simpelweg geen tijd meer voor.

Wit: check, sneeuw: check, rijp: check, anders nog iets?!
Let wel goed op, want één keer met je ogen knipperen en weg is die witte winter wereld weer.
Kalmpjes dágen dooien lekken en zompen, ook dat is iets van vroeger.
Opzij opzij opzij…..binnen een uur alles sneeuwvrij!

Terwijl mijn linkervoet nog lekker winters knisperend in de sneeuw landt,  treft mijn rechtervoet al de ontwinterde straat.
Achter me fonkelt nog vrolijk de witte magie, terwijl voor me de saaie zompigheid zich al  in grote vlekken door het wit heen wurmt.
Het sprookje waarin ik een uur geleden nog oog in oog stond met bambies in winterwonderland, is veranderd in een troosteloos ogend modderig hertenkamp.

Het laatste vlokje sneeuw is gewist alsof het nooit winter is geweest en een spottend zonnetje lijkt me uit te lachen….
Sta ik daar zwetend en totaal overdressed in m’n dikke moonboots en wollen muts, die enkele uren daarvoor nog zo logisch leken.
Het decor is gevallen en de laatste restjes bewijsmateriaal zijn gewist.
Wellicht ken je de uitdrukking “Photo or it didn’t happen...”?
Ik ben blij dat ik de foto’s nog heb, anders zou ik zelf niet eens geloven dat het dit jaar ook bij ons toch echt héél even een klein beetje winter was.

Berijpt, winters landschap, compleet wit door aangevroren mist

Wit: check, sneeuw: check, rijp: check

Damhert en ijsvogel erijpt, winters landschap, compleet wit door aangevroren mist

Zoekplaatje: hoeveel dieren zie je hier…?

Vos in besneeuwd, winters landschap

Aandacht voor subtiele details, zoals het mooi bepoederen van een vossensnuit, is passé.

Kraaien in besneeuwd, winters landschap

Achter me fonkelt nog vrolijk de witte magie….

Vos in berijpt, winters landschap, compleet wit door aangevroren mist

Vos in berijpt, winters landschap, compleet wit door aangevroren mist

Roodborst in de sneeuw

En ook de roodborst deed even mee

Damhert in besneeuwd, winters landschap

Bambi in Winter Wonderland

Roes in Winter Wonderland

Ik in het prachtig winter decor (thanks, Mark)

Damhert in besneeuwd, winters landschap

Damhert in besneeuwd, winters landschap

Vos in berijpt, winters landschap, compleet wit door aangevroren mist

Vos in winters wit

2014 in Beeld


Allen weer hartelijk bedankt voor de vele leuke & grappige reacties.
Ik wens jullie een prachtig 2015, hopelijk weer vol met mooie foto’s.
Hierbij mijn ‘two cents’ van het afgelopen jaar;

1. Toon me je foto’s en ik zeg wie je bent
Voor één van mijn eerste serieuze shoots van dit jaar sprak ik af met Andrea en we ontdekten dat foto’s een heel aardig beeld geven van de maker.

Andrea weet blijkbaar zelfs te inspireren als ze geen workshop geeft, dus ik kan alleen maar verzinnen hoe leuk het moet zijn als ze dat wél doet: D
Plus het bijkomend voordeel dat Andrea mooi weer weet af te dwingen, een niet geheel onbelangrijk talent!

Daffodilswith Andrea Gulickx

2. Natuur & Kunst
Daarna lag fotograferen even stil, omdat ik werkte aan een expositie in de Hollandsche Maagd in Gouda.

Is Vloer van Pindakaas kunst?
En als je een tas van je kat maakt?
Of als je schildert met je borsten?

Expositie Fotografie Roeselien Raimond

3. If it Walks like a Goose and Talks like a Goose….
In april kon ik eindelijk de schade wat inhalen en verdiepte ik me in de ware aard van de nijlgans en hun genadeloze geheime wapen.

Nijlganzen hebben hun eigen manier van integreren, even simpel als doeltreffend:
Alles wat NIET nijlgans is moet wég.

nijlgans, Alopochen aegyptiaca,gans,eend,gansje,eendje,baby,jong,schattig

4. Chasing Fritillaries
In mei waagde ik me, gehuld in roze camopak en bijpassende laarsjes aan een kievitsbloemenjacht.
Ik kwam, zag…en overwon!

Verder is het nuttig om te weten dat kievitsbloemen vrijwel altijd in groepen opereren en daarbij zijn ze zeer solidair: kom je aan één, dan kom je aan allen!

Kievitsbloem snake's head fritillary Fritillaria meleagris dauw zonsopkomst

5. Fox on the Rocks (Welpenfotografie voor Dummies)
Na zoveel liefelijk bloemetjesspul werd het tijd voor weer wat echt wild roofdierenspul: vossenwelpjes!
Eeeeeindelijk waren daar alsnog de schattige spelende jonge vosjes.

……niet wekenlang zoeken, niet door duindoorns kruipen, geen honderden teken van je afpeuteren, geen uren doodstil wachten en niet zitten te zweten onder een camouflagenetje.
Gewoon rustig wachten tot de welpen hun show komen opvoeren en ondertussen vrolijk een beetje bijkletsen met collegafotografen, hoe simpel kan het zijn?

Spelende vossen  welpen

6. De Baby Eendjes Bermuda Driehoek
Tijdens een relaxt fietstochtje stuitte ik geheel onverwacht op de Baby Eendjes Bermuda driehoek waar eindeloos eendjes aangevoerd bleken te worden.

Babyeendjes acceleren van 0 naar 100 km/u  in 0.01 seconde en maken zonder enige aankondiging een bocht van 180 graden, hetgeen zelfs voor mijn redelijk geavanceerde AF iets te hoog gegrepen is.

Wilde eend Anas platyrhynchos eendje jagen jagend insect babyeendje jong eendje

7. Mr. Pink: de Roze Sprinkhaan
In dezelfde maand vond ik the closest thing to een roze olifantje, namelijk de felbegeerde roze sprinkhaan!

In dat geval zou de roze sprinkhaan een voordeel hebben ten opzichte van zijn groene broertjes en theoretisch gezien zou er zo een geheel roze populatie kunnen ontstaan.

erytrisme roze pigment sprinkhaan pink grasshopper

 8. Weidebeekjuffers
Terwijl buiten de mussen dood van het dak vielen, zocht ik de verkoeling van het water op.
De weidebeekjuffers maakten het tot een feestje en mede dankzij de bezoekjes van mijn fotomaatjes werd het ook nog eens heel gezellig.
Tot op heden ongeblogd.

banded_demoiselle9. Chasing White Rabbits
In augustus waande ik me Alice, tijdens mijn jacht op witte konijnen en de zoektocht naar de diepte van het konijnenhol en ontdekte dat het héél diep was.

Zo weinig feitelijke informatie als ik tegenkom, zo strúikel ik bijna over de metaforen, legendes en symbolische verklaringen.
Al lezend raak ik langzaam maar zeker steeds verder van de zo vertrouwde wereld der feiten verwijderd en word ik meegezogen in een stroom van informatie over droomduidingen, symbolieken en totemdieren.

White rabbit Leporidae bunny cute bokeh

10. De Rugzakkwak
In september werd fotograferend Nederland verblijd met een jonge rugzakkwak, die, tot ons aller blijdschap, niet door zijn moeder was geleerd wat het begrip nachtreiger inhoudt.
Langslopende honden, brommers en werkzaamheden…. deze rugzakkwak lijkt het allemaal volledig te ontgaan.

En net toen ik me afvroeg of deze kwak mogelijk niet alleen dom, maar tevens blind, doof én autistisch was , prikte hij met zijn snavel door het volledig bekroosde water: béét!
Hoe flikt ‘ie dat?!

kwak Nycticorax nycticorax

11. Spuiten, Spugen, Spinnen en Slikken
In november pikte ik op de valreep nog even een mooie ochtend mee, vol met bedauwde heide ,webjes en spinnen en al fotograferend moest ik denken aan mijn ooit zo kleine broertje, dat wilde weten hoe spinnen een web van de ene naar de andere boom kunnen maken

“Roes, snap jij dat nou…hoe ze ‘t dóen..?!”
“Eh, hoe wie wat doen…?”
“Nou, hoe spint een spin een draad van de ene naar de andere boom…?“
Helaas was dit een vraag waar ik geen antwoord op wist en vriend Google was op dat moment nog niet geboren, dus moest ik het antwoord schuldig blijven.

spiderweb_bokeh

12. Weer Weinig Winter Weer
Als niet-landschapsfotograaf zocht ik in de herfst voornamelijk een decor, met daarin een coöperatief model.
Gelukkig vond ik een geschikt bosbeestje dat zich prachtig liet omlijsten met mooie herfstbladeren.

Toevallig iets wits voorbij zien flitsen?
Wellicht iets kouds langs je wang voelen glijden?
Een lichte tinteling in de tenen gevoeld?
Juist…DAT WAS ‘M!:
DE WINTER VAN 2014!

damhert_herfst

108. Weer Weinig Winter Weer


damhert sneeuwGoed opgelet afgelopen weekend?
Toevallig iets wits voorbij zien flitsen?
Wellicht iets kouds langs je wang voelen glijden?
Een lichte tinteling in de tenen gevoeld?
Juist…DAT WAS ‘M!:
DE WINTER VAN 2014!

Niets gezien?
Dan knipperde je waarschijnlijk nét met je ogen.
Of je woont te noordelijk, dat kan ook.
Zoals gewoonlijk was er te weinig sneeuw besteld om heel Nederland te bedekken en het zuiden wil ook wel eens wat.

Maar hij wás er!
Water in vlokvorm kwam als professionele sneeuw uit de lucht vallen en als je er doorheen fietste voelde het bést wel echt als winter, kou & glibber inbegrepen.
Er vormde zich weliswaar een natte zomplaag, in plaats van zo’n fijn knisperend dekje, maar soit: t was al meer winter dan we de afgelopen 22 maanden beleefd hadden en met ons Nieuw & Verbeterd Klimaat mogen we daar al heel blij mee zijn.

Het KNMI zorgde met een heus weeralarm voor de nodige extra spanning en de uitdrukkelijke waarschuwing aan automobilisten completeerde dat lekkere Hollandse wintergevoel. (Unox eat your heart out!)

Gealarmeerd door de angstaanjagende witte vlokken nam ook de NS haar verantwoordelijkheid en droeg zorg voor een aangepaste dienstregeling; de helft (…) van de treinen werd alvast geschrapt.
Om de problemen op het spoor nog meer te beperken werd uiteindelijk alle treinverkeer in de onderste helft van Nederland platgelegd. Even simpel als doeltreffend; treinen die niet rijden kunnen immers ook niet te laat komen.

Twee sneeuwvlokken komen elkaar tegen.
Zegt de één tegen de ander:
“Waar ga jij heen?”
“Ik ga naar Oostenrijk, een feestje bouwen.”
“Ik ga naar Nederland, paniek zaaien!”

Natuurlijk had ik gráág mooie sneeuwfoto’s gemaakt, maar zodra ik mijn camera oppakte begon het te dooien en terwijl ik aan mijn instelwieltje draaide verdween de laatste sneeuw.
Tsja, dat heb met van die in-en-uitklapwinters…..
Al was deze zelfs binnen zijn genre wel ongekend kort en bondig.

Goed, tot zover de ‘winter’.
Even terugspoelen naar een periode die ons fotografen wél wat speelruimte bood:
De herfst van 2014
Geen overdaad aan dampende ochtenden en zonneharpen.
Geen bossen als snoepwinkeltjes.
Geen besjes-overload.

Gewoon een ouderwets eerlijke, ietwat bescheiden herfst.
Met een coöperatief model in een fijn decor.
Ze mogen gewoon staan en mooi zijn, da’s goed genoeg.
En tenminste één seizoen dat zich braaf aan het script houdt….!

Beukenbos in de herfst

damhert man herfstbos  damhert man beukenbos licht bokeh sfeer damhert man portret bos   damhert man poepend  damhert man herfstboshinde damhert herfstbosdamhert man herfstbosdamhert man herfstbosdamhert man beukenbos licht bokeh sfeer

107. Spuiten, Spugen, Spinnen en Slikken


spider_jewelryIk heb een klein broertje, dat veel jonger is dan ik, zo’n nakomertje.
Inmiddels is dat kleine broertje volwassen en 1,5x zo groot en zwaar als ik, maar je weet hoe dat werkt met kleine broertjes…

Ooit, toen mijn kleine broertje nog echt een klein broertje was, vroeg hij me de oren van m’n hoofd.
Hij zal een jaar of 4 geweest zijn toen hij vroeg: “Roes, snap jij dat nou…hoe ze ‘t dóen..?!”
“Eh, hoe wie wat doen…?”
“Nou, hoe spint een spin een draad van de ene naar de andere boom…?
Helaas was dit een vraag waar ik geen antwoord op wist en vriend Google was op dat moment nog niet geboren, dus moest ik het antwoord schuldig blijven.

Een klein jaar later, toen mijn broertje nog steeds een klein broertje was, liepen we samen in het donker, na het tandenpoetsen, terug over de camping.
Naast het pad stond een wit tentje en doordat er licht in de tent brandde, vormden de silhouetten van twee liefhebbende geliefden een sprekend schimmenspel.
Ik was me juist aan het afvragen hoe ik dit aan mijn toch nog wel heel kleine broertje zou gaan uitleggen, toen hij zelf het gesprek opende met: “Roes……ik weet precies hoe ze het doen…!”
“Ow, eh, ja, is dat zo….?”
“Ja! Ze spugen gewoon een balletje met een draad eraan van de ene naar de andere boom en zo bouwen ze hun web!”
“…”

Héél, heel soms -met name bij het fotograferen van spinnen- komt die vraag ineens weer boven.
Mijn broer is inmiddels groot en Google nog véél groter.
Zijn interesse voor spinnen is wat weggeëbd, maar bij Google kan ik altijd terecht, dus stel ik hem dezelfde vraag als mijn broertje toen aan mij.
Hoe overbrugt zo’n spinnetje de meters afstand tussen twee bomen?
Zou hij echt spúgen?
Of als een soort spiderman van boom naar boom springen?
Google…?”

Even lijkt Google me niet te begrijpen.

Did you mean: How spiders make a living?
Spinnen maken zijden draden die naar gewicht vijf keer sterker zijn dan staal en drie keer taaier dan Kevlar en ook nog eens elastisch.
Aangezien wij er in onze oneindige wijsheid nog niet in geslaagd zijn iets dergelijks te reproduceren, zal dat rag wel kapitalen waard zijn en zijn spinnen dus rijk, lijkt me.

Did you mean: How spiders make baby’s?
Eh, nee, maar…waarschijnlijk in felverlichte tentjes op een camping?

Did you mean: How spiders see the world?
Het hangt er maar helemaal vanaf of het op cafeïne is, of LSD, of nuchter.

Did you mean: How does a spider spin a web between two trees?
Ja, die bedoelde ik!!
Vertél, vertél, Google….!

Een spin bezit vele honderden zogenaamde spindoppen, welke spinrag uitscheiden.
Door middel van spintepels worden hier stevige draden van gemaakt.
Enerzijds een dikke, niet kleverige draad, waar op gelopen kan worden, anderzijds een dunnere, plakkerige draad, waaraan prooien blijven kleven.

Er zijn spinnen die het spinsel, of zelfs het hele web op hun prooi af schieten.
En de zogenaamde lijmspuiters (familie Scytodidae) maken het helemaal bont; Deze spinnensoort spuit een kleverige dubbele draad op hun prooi , waarmee ze hem onmiddellijk fixeren.

Jaja, spuitende spinnen lijken op spugende spinnen, Google, maar dan anders.
Hoe zit dat nou met die draad van boom tot boom…?

Spinnen komen op de vreemdste plaatsen voor, doordat ze in staat zijn te zweven.
Hangmatspinnen gebruiken spinrag zelfs als vlieger, om zo kilometers hoog door de lucht te kunnen zweven.

Maar niet alle spinnen kunnen vliegen, toch, Google….?
Een mooi verhaal, maar géén antwoord op mijn vraag.

Spinnen zijn in staat om vloeibare zijde om te toveren tot stevige draden.
De spin kan m.b.v. zijn spintepels de draad door de wind laten meevoeren.
Spinrag is vederlicht en kan door het kleinste zuchtje wind worden meegevoerd.
Zelfs de geringste warmtestroom is al voldoende om het van boom naar boom te verplaatsen, alwaar het verstrikt raakt in kleine uitstulpingen, of blijft ‘kleven’ door statische elektriciteit.

Zodra de eerste lijn gelegd is, kan de spin al koorddansend naar de tweede boom en zo verder bouwen aan zijn web, zoals te zien is in deze animatie.

Wederom dank, Google!
Spugen doen ze dus niet, wel slikken: soms eten ze hun oude web op en recyclen dit in een shiny & new blinkend web!

Zoveel vernuft in zo’n klein beestje, daar moet toch zelfs de grootste arachnofoob enthousiast van worden?

spider_dew
Hoe spint een spin een draad van de ene naar de andere boom…?

spinnenweb mist Spinrag is naar gewicht vijf keer sterker dan staal en drie keer taaier dan KevlarClose up of a spider web covered with dew drops, reflecting the trees in the landscape spinnenweb_bokeh  spin_dauwSpinnen komen op de vreemdste plaatsen voor, doordat ze in staat zijn te zweven
 
spiderweb_dewspin
Een spin bezit vele honderden zogenaamde spindoppen, welke spinrag uitscheiden

spiderweb_bokeh
Zodra de eerste lijn gelegd is, kan de spin al koorddansend naar de tweede boom en zo verder bouwen aan zijn web

spinnenweb_zonsopkomst